Helden organiseren viering afschaffen slavernij

Op 4 juli werd in de Franciscuskerk herdacht en gevierd dat in 1863 in Nederland de slavernij werd afgeschaft. Twee helden van Breda, Philip Oronsaye en Jan Hopman, hielpen bij de organisatie van het gevarieerde programma. Bovendien trad Philip op als dagvoorzitter.

Video afspelen

Tekst: Eric Linssen
Foto’s: Max Jongeneelen

Philip maakte met een aantal persoonlijke ervaringen pijnlijk duidelijk dat ook in Breda racisme bestaat, vaak door onbenul, maar soms diepgeworteld.

Alle honderd stoelen in de Franciscuskerk waren bezet en iedereen die er zelf niet bij kon zijn, kon het programma online volgen. Met een swingende Surinaamse indianendans onder leiding van Roy Emanuel werd de stemming snel feestelijk. De solozang van Anouschka Stulting zorgde voor een mooie sfeer voor de toespraak van Paul Depla, burgemeester van Breda.
Die stond stil bij het leed dat met de slavernij werd veroorzaakt en zei dat het nog steeds moeilijk is om de juiste woorden te vinden die recht doen aan de pijn die er ook nu nog steeds is. Gelukkig komt er hiervoor steeds meer aandacht, ook in de actuele discussie over racisme naar aanleiding van de dood van George Floydd.
Depla haalde ook de relatie aan tussen de vrede van Breda en de Nederlandse slavenhandel. Hij stelde zich kwetsbaar op door zijn eigen ervaringen te delen en gaf mee dat oog voor het perspectief van de ander de beste opening is voor het gesprek over racisme en slavernij. De burgemeester sloot af met het uitspreken van zijn bewondering voor de kracht en de moed van degenen die de afschaffing van de slavernij hebben bevochten.

Kathleen Ferrier, oud-CDA-kamerlid, dochter van de eerste president van Suriname noemde in haar toespraak de verbondenheid tussen Afrika, Nederland en Suriname. Vanwege de vrede van Breda, waarbij Suriname Nederlands bezit werd, was voor haar Breda de plek bij uitstek om de afschaffing van de slavernij te gedenken en te vieren.
Ferrier benadrukte het belang van kennis en onderwijs om onbegrip en intolerantie te voorkomen, en pleitte voor een nationaal museum voor het slavernijverleden. Ze waarschuwde ervoor dat in de huidige discussie over racisme, net als bij de discussie over zwarte piet, extremisten aan beide kanten het onderwerp kapen. Dat zorgt er vaak voor dat het echte gesprek niet tot stand kan komen.

Roy Emanuel riep in een korte bijdrage op tot meer aandacht voor het slavernijverleden in het onderwijs en vroeg daarvoor, in aanwezigheid van de burgemeester, ook steun van de gemeente.

Met een spetterende en swingende show van dans en muziek kwam een einde aan een herdenking die duidelijk ook een feestje was. Philip en Jan, en alle anderen, bedankt!